glinsterend door de takken van het gekleurde blad.
Dan is het bos mooi zoals een schilderij dat niemand bezat.
Maar later komt het slechte weer.
Het stormt en schudt de boom heen en weer.
Al het moois dat gekleurd werd door de zon valt op de grond
En de boom is kaal die eens in bloei stond.
Maar als de sneeuw dwarrelt en de boom krijg een
witte kruin.
Dan verandert het bos in een sprookjestuin.
De bladeren liggen dan vertrapt als een rest,
En worden verrot door de aarde als vruchtbare mest.
De boom kan daardoor zijn leven behouden.
En wacht op de voorjaarszon dan kunt u zijn loof aanschouwen.
Want een ieder einde is een nieuw begin.
En iedereen neemt de plaats van de boom wel eens in.

              De Bloemen.

In de tuin der Aarde bloeien bloemen in volle pracht.
In de tuin van het hierna'maals stralen bloemen met
heel veel kracht.
Als wij de kracht van de aardse bloemen gebruiken
houden zij op met hun bestaan.
En als de kracht van de astrale bloemen mogen
ontvangen blijven deze gewoon doorgaan met hun
bestaan.
De aardse bloemen krijgen de kracht van de stralende zon.
En de astrale bloemen krijgen hun kracht uit de
eeuwige bron.
In die bron is genoeg kracht tegen al het kwaad.
En het komt vanzelf naar je toe als je er maar
voldoende voor openstaat.
   


De boom.

Bladeren die gekleurd worden aan de bomen.
Vertellen ons dat de herfst is gekomen.
De herfst is een koud maar een mooi jaargetij.
En de talloze kleuren stemmen ons innerlijk weer blij.
Wanneer het windstil is en de zon schijnt



    
Volgende blz.
Home
vorige blz.